< terug naar opinie-overzicht

Boze vader (NL) en rellen Ferguson (VS): universeel onbegrip voor het recht

Woede is niet altijd te bestrijden met transparantie

In de juridische vakbladen staan boven interviews met strafrechtgeleerden vaak koppen als ‘Strafrecht geen panacee’ en ‘Strafrecht lost verdriet niet op’. Kenners koesteren dus bescheiden verwachtingen. Maar de gewone burger leest die bladen niet. Mede daarom wordt er in en buiten de rechtszalen af en toe stevig gevloekt en met stoelen gesmeten.

Een man die juni 2013 in Meijel (Limburg) een meisje en haar grootouders doodreed, kreeg van de rechtbank een taakstraf van 240 uur, waarna de vader van het meisje door het lint ging. Zijn begrijpelijke woede en verdriet zijn gebaseerd op het verlies van drie naasten. Nabestaanden van verkeersongevallen zijn voor het leven getekend, en verwachten vaak dat de dader ook hard wordt gestraft. Oog om oog, tand om tand?

Maar zo zit ons strafrecht niet in elkaar. Een kleine fout kan immers grote gevolgen hebben. Rechters kijken zakelijk naar schuld en verwijtbaarheid. Als die onvoldoende kunnen worden aangetoond, gaat de dader vrijuit of krijgt hij een lage straf.  Vanuit het juridisch systeem een volstrekt logische gedachte. Ons strafrecht is gericht op de dader, met alle bijbehorende waarborgen. Het slachtoffer komt (minder dan vroeger, maar toch) op het tweede plan.

Het onbegrip hiervoor is een uiting van de beruchte ‘kloof’ tussen de burger en de rechterlijke macht. Illustratief was maandag een discussie bij Jeroen Pauw tussen een raadsheer en een moeder wier zoon is doodgereden. Nadat de rechter uitlegde hoe rechters tot hun vonnissen komen, zei de vrouw: ‘Hier word ik nou boos van.’ Die kloof blijft. Rechters zijn immers aangesteld om onafhankelijk en met afstand naar een zaak te kijken. Als ze één op één doen wat het volk wil, hebben we geen rechters nodig.

Twee jaar terug gaf ik in een rechtbank een training in beeldvorming. De meerderheid van de rechters stelde zich kwetsbaar op en was oprecht geïnteresseerd in communicatie met het publiek. Een enkeling vond: ‘Uitleg geven? Ik spreek door mijn vonnissen.’

Die laatste groep is een kleine minderheid. Rechters zitten niet in de ivoren toren. Rechtbanken en hun belangenorganisatie de Raad voor de Rechtspraak hebben de afgelopen tien jaar talloze initiatieven ontplooid om het draagvlak onder de bevolking te vergroten: lezersrechtbanken van kranten, open dagen met paneldiscussies etc. De Nederlandse rechters willen begrip creëren door verantwoording af te leggen. Op de eigen website geeft de rechtbank Limburg een uitvoerige, toegankelijke toelichting op het vonnis over het dodelijke ongeval in Meijel. Veel meer kunnen ze niet doen. 

Deze week braken in Ferguson (VS) rellen na het besluit van de Grand Jury om de (blanke) agent Darren Wilson niet te vervolgen voor het doodschieten van (zwarte) Michael Brown. De openbare aanklager had het complete dossier vrijgegeven. De Volkskrant vroeg zich op de voorpagina af:  ‘Kun je de volkswoede bestrijden met transparantie?’ Ik denk het niet.

Rechters moeten transparant blijven en de volkswoede voor lief nemen.

 

 

< terug naar opinie-overzicht