< terug naar opinie-overzicht

Beter een Nijkerkse dominee dan een Syrische sjeik

Wie beschermt na Charlie Hebdo onze vrijheid van meningsuiting?

Het is bijna een maand geleden dat bij Charlie Hebdo en in een Joodse supermarkt in Parijs zestien mensen werden afgeslacht door moslimextremisten. Het was hoopgevend dat miljoenen daarna de straat op gingen om hun afschuw te laten blijken. Maar wat blijft erover nu het stof is neergedaald? Wie beschermt bij ons de vrijheid van meningsuiting?

Diederik Samsom in elk geval niet. Toen Wilders met een zie-je-wel-ik-zei-het-toch zijn gelijk haalde over het gewelddadige karakter van de islam, reageerde Samsom met: ‘Nu doet u hetzelfde als de terroristen: haat en angst zaaien.’ Alsof een godsdienst bekritiseren hetzelfde is als weerloze mensen neerknallen.

Ook hoor je vaak het verwijt dat we met twee maten meten. Wie joden, homo’s of zwarte mensen beledigt, wordt beschuldigd van antisemitisme, homofobie of racisme. Maar de profeet Mohammed beschimpen mag zomaar! Er is alleen wel één verschilletje, betoogde Volkskrant-columnist Martin Sommer zaterdag. Joden, homo’s en zwarten zijn levende, bestaande mensen die kunnen blootstaan aan vervolging en uitroeiing. Kun je van Mohammed niet zeggen.

Ik snap ook wel dat het voor moslims moeilijk is wat ze nou wel en niet mogen zeggen. Ik sprak vorig jaar tijdens een antiradicaliseringsbijeenkomst een uit Syrië afkomstig sjeik die in zijn Haagse moskee hel en verdoemenis uitsprak over homo’s en andere ongelovigen. ‘In Syrië,’ vertelde hij mij, ‘moest ik de vrijdagpreek altijd een dag van tevoren inleveren bij de plaatselijke partijcommissaris van Assads Ba’athpartij.’ Die keek of er geen gezagsondermijnende passages in stonden.

Toen deze sjeik twintig jaar geleden in Nederland kwam wonen dacht hij, gedekt door onze vrijheid van meningsuiting, carte blanche te hebben. En dus predikte hij homohaat. Deze sjeik kreeg bakken kritiek over zich heen. Kon hij eindelijk eens het ware geloof prediken, was het weer niet goed!

Lastig debat hoor. Begin dit jaar was ik weer op een bijeenkomst over radicalisering, nu georganiseerd door een islamitisch dialoogplatform. Goed bedoeld waarschijnlijk. Het was allemaal begrip, dialoog en buurtvaders wat de klok sloeg. Een vrouwelijke wetenschapper bond ons op het hart wat we allemaal niet moeten doen (onder meer naar Ivo Opstelten luisteren). Wat we wel moeten doen? Moeilijk moeilijk. Wist ze ook niet.

De consensus was: moslims en niet-moslims moeten hier gezamenlijk uit komen. Er was één man in de zaal die geen zin had in deze toedekkende gezelligheid. Hij zei: ‘Het probleem van nu ligt vooral bij de moslims. Die accepteren niet dat iemand ongelovig is.’

Deze sfeerverpester maakte geen vrienden. De slang drong binnen in het paradijs van dialoog en begrip. Een vrouw die hem van repliek wilde dienen zei: ‘Als hulpverlener kwam ik jaren bij een islamitisch gezin. Over godsdienst praatten wij nooit, totdat de vrouw van het gezin vroeg welk geloof ik aanhang. Toen ik antwoordde dat ik niet gelovig ben, zei die vrouw verbaasd: Maar u bent hartstikke aardig.’ Waarmee de spreekster onbedoeld bevestigde wat de islamcriticus zojuist had gezegd.

Intussen gaat het moorden in naam van Allah vrolijk door in het Midden-Oosten en Afrika. Europa zal zijn deel ook wel weer krijgen. Terwijl de kijkers van het tv-programma Kanniewaarzijn lachen om een grove anti-Jezusmop, kijken cartoonisten, journalisten en tv-makers wel uit om de profeet belachelijk te maken.

In Nijkerk is er een dominee die (goddank straffeloos) mag ontkennen dat Jezus heeft bestaan. Wat zou het mooi zijn als iets vergelijkbaars binnen de islam mogelijk zou zijn.

 

< terug naar opinie-overzicht